
Een tandimplantaat is een kunstwortel, meestal van titanium, die in het kaakbot wordt geplaatst op de plaats waar de wortel van een verloren tand zat. Op het implantaat komt later een kroon, een brug of een prothese. Het implantaat vervangt dus de wortel; het zichtbare deel komt daar bovenop.
Een implantaat komt ter sprake wanneer een of meer tanden ontbreken, of wanneer een prothese te weinig houvast heeft. Of het mogelijk is, hangt onder meer af van de hoeveelheid en de kwaliteit van het kaakbot, van de gezondheid van het tandvlees en van uw algemene gezondheid. Dat wordt vooraf onderzocht, meestal mede aan de hand van röntgenbeelden.
Na het onderzoek en de planning wordt het implantaat onder plaatselijke verdoving in het kaakbot geplaatst. Daarna volgt een periode waarin het bot rond het implantaat aangroeit. Pas wanneer dat voldoende gebeurd is, wordt de kroon, de brug of de prothese erop bevestigd. Hoe dat traject er in uw geval uitziet, bespreekt de tandarts met u.
Een implantaat krijgt zelf geen gaatjes, maar het tandvlees en het bot eromheen kunnen wel ontsteken. Dagelijkse reiniging en controle horen er daarom bij, net als bij eigen tanden. Wat er nodig is om een implantaat gezond te houden, bespreekt de tandarts met u.
Deze pagina geeft algemene informatie over de behandeling. Ze is geen advies over uw eigen situatie: wat voor u geldt, bepaalt de tandarts na onderzoek. Heeft u een vraag of een klacht, bel dan de praktijk op (0032) 089 44 02 01.
Stalenstraat 133, 3600 Genk
De kaart is niet geladen, want daarvoor zouden uw gegevens naar Google gaan.
Laat een bericht achter of bel de praktijk. We nemen zo snel mogelijk contact met u op.